Dag 5 – Wat een nacht

Om drie uur ‘s ochtends deed de wekker precies wat van hem verwacht werd – emotieloos en brut. Een half uur voor mij, een half uur voor de boot (giek, waypoints etc.), een half uur klaar schip maken en een half uur om bij de OvD3 boei te komen. Om 5 uur moest vertrokken zijn anders is Muiden niet meer voor twaalf te halen. Aldus het plan.

Gelukkig had ik twee wekkers gezet. De eerste heb ik volledig geïgnoreerd. De tweede niet. Maar minder omdat ik daar al wakker was, maar omdat ik begon te klappertanden alsof ik net uit een koud zwembad gekomen was. Dat geklepper wilde maar niet stoppen tot dat ik de eerste slok thee gedronken had. Alles was koud en vochtig. Het ging alles iets langzamer dan anders.

Buiten aan de frisse lucht was het meteen weer beter. Ondanks de strakke tijdsplanning liepen de Passie en de Cassiopeia pas om 5:00 de haven uit – richting OvD3. Een ander boot was ca. tien minuten eerder op pad gegaan, ook richting OvD3. De hemel was schitterend. Strakke sterrenlucht. 17kts wind NNW. Met wat geluk is NEK net bezeild. De golven staan hoog en het licht van de OvD3 is vel. Grootzeil omhoog (even dacht ik nog eraan om te reven maar liet het erbij), afvallen, Fok erbij, even de koers uitproberen, terug naar de boei, camera klaar, foto en go. 5:30 – en half uur later dan gepland, maar daar is nu toch niets meer aan te doen.

Ik stuur op het witte licht in de verte, van de boot die al eerder vertrokken was. Tot dat Michiel mij erop attent maakte, dat ik veel te laag zat. Nu was het tempo net lekker. 5,5 tot 5,8. De zeilen stonden strak en de boot sprong als een dolfijn over de golven. Mijn pogingen hoger te sturen en toch snelheid te blijven houden waren niet succesvol. Ik bleef maar laag tov. Michiel die een veel hogere koers voer, en daarom al enig achterstand had. Ik stuurde nu op een vast wit licht af, de E-A2. Noch te laag. In verwoede pogingen om toch boven de boei langs te gaan, gebruikte ik de windshift na iedere windstoot om een stuk hoger te komen.

De wind hielp, en ook weer niet. In de windstoten ging die met 22-23kts te keer en, omdat ik volle zeilen had staan, was ik vaker in de situatie net niet uit het roer te lopen. Het goede nieuws was, dat ik er wel zonder veel snelheid te verliezen hoger kwam. Ik was bijna op de hoogde van Michiel toen ik echt goed uit het roer liep en, voor ik nog tijd had om het voorzeil aan backboord los te maken, lag ik al over stuurboord op zij met het voorzijl aan de verkeerde kant. Gelukkig was de druk zo groot, dat ik vaart maakte en weer terug over stag kon zonder het voorzeil los te maken. Deze dubbele pirouette heeft mij natuurlijk wel wat tijd gekost en Michiel is in die tijd aan mij voorbijgegaan. Ik beloofde mijzelf  nu oplettender te sturen en zo hoog mogelijk aan de wind te blijven en niet meer uit het roer te gaan lopen. Het lukte om net boven de E-A2 boei langs te gaan en koers op de NEK te nemen. Om 7:06 kwam de laatste grote windstoot, en die bracht mij met 6,5 SOG definitief terug op een koers waarmee de NEK bezeild was.

Een half uur later naam de wind af en viel terug naar 13kts. Nu was ik opnieuw niet meer zeker van om de NEK in directe lijn te halen. Snelheid 4,4 knopen en ze word minder. De laatste mijl voor NEK was een horror. De wind ging terug op 11 kts  en de snelheid wordt 3,1 knopen. Het was al licht geworden en de boei en andere boten daaromheen waren duidelijk te herkennen. Aan de zeilstanden van de andere booten te zien is bij de NEK bijna geen wind.

Ik begin de tanden op elkaar te bijten. Tot nu toe ging het zo lekker en nu dat. Ik bleef de directe lijn naar de boei houden om niet ook noch een extra slag te moeten maken. Michiel lag aan backboord achter mij, maar lager, hij moest wel nog een slag maken. Af en toe kwam de wind weer in een vlaagje bij, maar veel soeps was het niet.

 

Dag  5 – Terug, maar hoe?

7:45 NEK, foto, ronden en nu voor de wind. Voor welke wind ?? Het grootzeil hing lusteloos, en het voorzeil slap. Als of ze allebei moe waren. Toch ging het met hete 3,3 tot 3,7 knopen vooruit. Een lange weg naar de GZ2. Ik had de GPS op Muiden gezet om de aankomsttijd in de gaten te kunnen houden, ETE 4,5 uur. Het was net acht uur voorbij, dus was ik er al een half uur te laat in Muiden. Wat als ik nou de GZ2 oversla en rechtstreeks naar het paard van Marken vertrek? Makte bij deze snelheid toch niets meer uit. Dus maar verder.

Het patroon was net zo als gisteren avond. Krachtige golven van de vorige wind, maar te weinig wind om er iets me te beginnen. Giek slaat tegen mast en hamer tegen boot. Ineens draait de wind naar westen maar neemt niet toe. Ik zet de halfwinder bij, maar dat vergroot alleen mijn frust. Alleen als ik hoger dan de koerslijn stuur loop ik wat harder en staan de zeilen strak, maar dan moet ik nog terug naar de GZ2 – ik blijf op de koerslijn. Ik probeer zowat alle mogelijke zeilstanden, maar niets helpt – anders dan dat de tijd vergaat en ik bezig ben. Om negen uur zat ik rond 4 uur van Muiden en ca twee mijlen van GZ2 verwijdert. Ik heb het opgegeven. Dan maar volgende keer beter.

Ik zet nog eens de halfwinder, stuur op een hogere koers (langs de boei heen richting Volendam) tot dat ik de wind naar de boei toe recht van achteren heb, verander koers en stuur op de boei af, haal het grootzeil naar stuurboord en ga met de halfwinder aan backboord vlinderen. De idee was goed maar de uitvoering miserabel. De wind bleef maar draaien en de halfwinder bleef niet staan. 9:40 GZ2 waarschijnlijk de laatste foto in de wedstrijd.

Noch steeds vlinderend gaat het richting Paard van Marken.  Om de windhoek te houden kom ik op een koers die verder bij het paard langs gaat dan eigenlijk de bedoeling geweest was. Maar ik maak weer snelheid. De spinnakers hebben allemaal nu voordeel van de directe koers. Als ca twintig minuten naar de GZ2 de wind weer naar westen draait haal ik het grootzeil terug naar backboord en stuur op het paard af. De snelheid neemt toe 4,0 4,3 4,7 4,9 hej, ik ben weer in business. 2uur dertig naar Muiden en het is nu net tien geweest.

Voorbij het paard, dat er weer schitterend bijstaat, uitproberen of de directe koers naar Muiden een betere snelheid oplevert dan de koers naar Pampushaven. De Spi voor mij neemt vaart op. Ik volg zijn koers richting PH snelheid 3,6 3,7. Ik stuur richting Muiden snelheid 5,3 5,5.  Tien minuten later noch een controle, koers richting PH 3,6 3,7. Het zijn direct nog 8 mijlen, via PH misschien 9 mijlen. Het is vijf voor halfelf. Ik heb nog anderhalf uur te gaan.

Bij 5,3 tot 5,4 vanaf nu haal ik het misschien nog. Ik zie dat de boten die bij GZ2 achter mij gelegen hebben nu ook om het paard van Marken heen zijn. Aan de zwarte piraten-spi te zien heeft Michiel ook gemerkt dat Muiden misschien nog te halen is.

 

Dag 5 - Kermis

Ik neem koers richting zuiden. Als ik iets hoger stuur kom ik op 5,8 6,0 als ik iets lager stuur op 4,8 5,2. Ik probeer windstoten te benutten waar het gaat. De halfwinder doet nu volledig zijn werk. Vijf voor elf loop ik bijna uit het roer, de snelheid komt op 7,1 en het gaat verder met 6,6 6,8. Ik heb er schik in.

Maar niet lang. Ik was net aan het nadenken hoe ik de halfwinder bij deze wind naar binnen kreeg, als ik met vol tuig en volle snelheid bij M1 aankom, wetend dat daarachter niet veel ruimte is, - daar was dit probleem ook meteen opgelost. Een volgende windstoot liet me volledig uit het roer lopen. Ik zet de halfwinder minder strak en val iets af. De wind komt nog eens vol in het zeil en drukt de neus weer in de wind. Het grootzeil is al losser en zonder druk, maar nog kan ik de boot niet houden. Bij de volgende poging de halfwinderschoot te laten vieren, schiet die van de lier af en verdwijnt. De halfwinder maakt een reuze kabaal en ik kreeg de indruk dat die het niet lang zo vol zou houden. Ik liet de buglijn ook gaan. De boot komt terug en is weer onder controle, maar ik heb ineens een geel-oranje-rode wimpel van 12 meter lengte en twee starten van noch eens 14 meter daarachter in de masttop hangen.

Het leek er wel op, maar ik had beslist geen kermisgevoel. Voorzeil eruit, de hijslijnen met de pikhaak invangen en de halfwinder naar beneden halen. Met knoop en helemaal verstrikt gaat die in de zak, en is voor deze reis niet meer te gebruiken. Dan maar zonder. Haal ik het nog?

Ineens is die tweemaster, de “Francis”, die ik een tijd geleden ingehaald heb ook weer voor mij. Grrr.! Angstvallig blijf ik de snelheid in de gaten houden, maar die blijft gelukkig tussen 5,8 en 6,3 ook zonder halfwinder. Ineens wordt Muiden M1 weer een makkie. Ik zie de boei al, en een paar booten die net gefinisht waren. Voor nu echt de laatste keer van deze reis pak ik de camera en maak ik een foto van de M1. Het liefst had ik er vijf van gemaakt.

De rest was al routine. Alles opbergen, nog wat binnenkomers fotograferen en dan af richting haven van Muiden.

 

Dag 5 – done

Text Box:  In de haven iets minder drukte dan voor vertrek, maar nog steeds moeilijk een plek te vinden. Vastmaken aan de palen bij de boxen  – er willen net een paar weer weg, logboek invullen, en nog een vlugge zwaai naar bekende gezichten. Van een gezellig biertje met buren komt niet veel. Iedereen wil gauw weer weg. Kan ik begrijpen. Ik lever camera en logboek aan de steiger in, en ga ook weer op pad.

Eigenlijk had ik genoeg van zeilen, maar het weer was zo mooi, dat ik toch nog een keer gehesen had, om onder vol doek in alle rust naar Huizen te zeilen. Op weg nog van Jan Luyendijk en Piet Bakker ingehaald. Naar de brug stond de wind nog eens vol erin en ik liep als een speer richting Huizen – het paard rook de stal.  

 

Terug in de eigen box was het bijna een ceremonie om alles nog eens op te bergen. Daarna ging ik eerst twee uurtjes pitten alvorens weer voet op vast land te zetten.

 

Dag daarna

Fotos bekeken, aantekeningen bij elkaar gezocht, boot schoongemaakt en besloten de belevenissen van deze reis in een verhaal vast te houden. Want zo als meestal verlies je de indrukken als de tijd vordert en het alledaagse overhand neemt. En deze race heeft zeker indrukken bij mij (en mijn bril) achter gelaten.

Als mij iemand zal vragen wat de meeste inruk gemaakt heeft, dan zijn het behalve het weer, de gezellige sfeer en het feit dat ik 24 minuten voor twaalf in Muiden aangekomen ben, vier dingen:

Ik was op, en ik heb er echt van genoten!

Met dank aan Jan en allen, die deze race mogelijk gemaakt en verzorgd hebben.

Peter Müller & Cassiopeia

Terug