Dag 1 – De start

Woensdag 29. September 2004. 

Om aan de veilige kant te zijn had ik mijn wekker op 6:00 gezet. Veel was niet meer te doen, alles was klaar. Even noch ontbijten en dan aan dek alles klaar maken voor vertrek. Het is nog donker. Voor en naast mij werd al hevig met huiken, zeilen en lijnen geschort. Voor dat alles in beweging komt start ik de motor en gooi de lijnen los.

Nu begint de spanning te stijgen. Het is nog steeds donker met een zachte schemering. Het is fris. De wind stevig. Een paar booten zijn al op weg naar de havenuitgang.

De batterijen van het fototoestel zijn nog steeds niet opgeladen – jammer. Het wordt een schitterende zonsopgang. Ik probeer met de 200myls camera fotos te maken. Misschien lukken ze. We zullen zien.

De mesten zetten al in de haven mond het grootzeil. Zonder na te denken doe ik het ook. En goed ook, buiten stond al een aardige golfslag. Geen rif, alleen het voorzijl iets inkorten. Om me heen het slaan van losse zeilen die nog gehesen worden. Ik vergeet alles om me heen en, pak de GSM-GPS en neem positie ten zuiden van de M1, trek de zeilen aan en vaar op de boei af. Vlak bij de boei de knop ingedrukt, en de zeilen nog meer gespannen. – Ik ben gestart.

Voor mij zie ik twee groepen van boten, een grotere die aan de oostkant van Pampus passeren en drie boten die proberen aan de westkant het eiland voorbij te gaan. Even uitproberen hoe hoog ik kom – ja het lukt, zonder verder daarover te pikeren ga ik ook op de westkant af. Die was net bezeild. Zo word het meteen in begin spannend – haal ik het of haal ik het niet om zonder extra slag om Pampus te komen.

In de drukte was ik helemaal vergeten op de start tijd te letten. Het was nu 7:19 dus ik moet zo’n 5 minuten geleden gestart zijn. De wind komt met 17-19kts uit NW. Snelheid over grond: 6,6 kopen. Netjes.

Nu heb ik tijd de omgeving te verkennen. Prachtige wolkenstemming. Voor mij liggen 13 boten. Het is 7:30. De BONDI II ligt naast mij. 8:10 ben ik bij de MZ3 de BONDI is nu achter mij. Rond 10 min later ben ik bij de MZ1. Tot hier was het bezeild, nu begint het hakken. Ik heb teveel doek op staan en/of ben te hoog gevaren. Een naar de ander die ik net ingehaald heb komen weer langszij en gaan aan mij voorbij. Ook Bart met zijn BONDI.

De wind was heftig, de helling rond 30°, windsnelheid was 0 !!! Hoezo 0 ? De antenne van de Marifoon was door de wind zo ver op zij gebogen dat die het wiel van de windmeter blokkeerde en daar vast ging zitten. Dus kon ik de wind wel voelen maar niet meten. Na dan geen wind.

Het traject van Volendam naar de NEK was bezeild. Om 10:48 was ik bij de NEK. Iets doorgeschoten omdat ik de lijnen niet vrij had, en dan voor de wind naar Lelystad. Ha even rust. Autopilot erbij en eten pakken. Na de NEK heeft zich de Marifoon antenne weer bedacht en wees weer recht naar boven. De windmeter was weer vrij. Zo’n twee mijl naar de NEK kwam de volgende bad news / good news story. De Autopilot deed raar en ging spontaan en zonder met mij eerst te overleggen in standby mode. Met wind en golfen van achteren was dat of te veel werk, of de kontakte waren niet meer goed. Ik besloot met hand verder te gaan en in de sluis dan de schade te onderzoeken en te herstellen.
Het goede nieuws was dat de batterijen eindelijk opgeladen waren en ik kon beginnen een paar fotos te schieten van mijn omgeving.

In de voorhoede waren een paar die de SPI gezet hadden. Maar echt rustig stonden ze ziet. Ik heb ervan afgezien, omdat het zetten van de SPI zonder stuurautomaat niet te doen was. Hoe gezellig het leven met een stuurautomaat kan zijn die werkt kan je bij mijn buurman zien, die een hele tijd “onbemand” naast mij optrok.

Tussen mij en de achterhoede was op weg naar NEK een redelijk groot gat van zo’n 1-2 mijl gevallen. Met een hand aan het roer begon ik de puihoop van lijnen op te ruimen. Daarbij zag ik dat zich de val van het grootzijl op de lier vast gevreten had. De druk op de val was zo groot dat ik ze niet van de lier af kreeg. Alleen voor de OVD3 moest ik dit probleem opgelost hebben anders kreeg ik het grootzeil niet naar beneden. En met gehesen grootzijl door de sluis, zal mij niemand in dank afnemen.

Ondanks de wind NW4 kreeg ik het behoorlijk warm. Met een hand sturen, met de andere de val zien vrij te krijgen. Met behulp van een schroevendraaier is het uiteindelijk gelukt. Misschien niet volgens de regels van de zeevaartkunst maar het heeft geholpen.

In de beurt van de OVD3 zag ik drie boten naar het zuiden wegbreken. Die nemen dus baan 1. Dit plan had ik eigenlijk gisteren al laten varen omdat er niet veel wind voorspeldt was voor morgen. – misschien ja / misschien nee. Ik koos voor de saftey-route en bleef binnen. Roeten 3 of 4 dus – welke was ik er nog niet uit.

 

Dag 1 – De sluis 

Om 12:36 was ik zelf bij de OVD3 en nam koers richting Lelystad. Voor mij was niemand te bekennen. Een deel was naar de P15 gegaan een deel was al bij de sluis. Toen ik daar aan kwam dacht ik onmiddellijk aan vorig jaar, daar lagen we ook zo’n kleine uur bij de sluis.

En ja hoor, iemand moet de sluiswachter ook dit jaar flink getipt hebben om eerst nog uitgebreid te gaan lunchen voor dat die ons ging schutten.

En dan was er nog die ene .......

 

In de sluis was het dan wat rustiger dan vorig jaar maar even gezellig.

 

Dag 1 - Op het IJsselmeer  

Tegen 14:00 waren we door de sluis. De zon komt door. De wind is NW. De koers pal noord is net niet bezeild.

 

Tussen 5 en 10 graden. Dat is het uiterste. Een klein groepje is samen op pad gegaan. De weg naar de Obstn is rustig. Weinig veranderingen in het veld. Ik probeer hoogde te houden, terwijl twee andere die voor mij lagen snelheid hebben weggegeven. Ik zie ze hoogte verliezen en langzaam uit zicht verdwijnen. Ik schuif heel langzaam op tegen Herman Thieman en zijn NAN. Maar dat kostwel hoogte. Op de hoogte van de K2 gaat hij over stag en op west koers. Waarschijnlijk probeert hij onder het eiland door te gaan en de WP12 van zuiden aan te lopen. Ik ga door tot vlak onder het Vrouwenzand. Bij de lichtboei L9 ga ik ook over stag, in de hoop net boven het vogeleiland uit te komen. Maar ik kon de koers niet houden. De wind lijkt iets na westen te draaien.

Ik haal het niet helemaal een moet nog een extra slag van ca een mijl naar noorden maken om boven het eiland langs te komen. Het is 18:45 het lijkt dat ik het niet meer haal om voor het donker bij de WP12 te zijn.

Om van het eiland vrij te blijven ga ik hoger dan nodig geweest was om de WP12 te bereiken. Die omweg kost gewoon extra. Ik begin alternatieven te bedenken. De enige die acceptabel was, was route drie te varen. De WP12 even te vergeten en door te gaan naar de WV14 bij Den Oever.

Niet mijn eerste keuze, maar beter dan een onverlichte staak in het donker te zoeken. Ik ga door. Om 20:00 ben ik ergens ten noorden van de WP12. In 3 uur hoop ik de WV14 te omronden en de afdaling naar Enkhuizen in te zetten.

Ik ga nog heel even door en sla dan rond 20:15 ten zuiden van de WP8 naar noorden richting Den Oever.

Ik blijf uit de beurt van de boeien lijn die naar Den Oever leidt. Vele daarvan zijn onverlicht. Dus ik ga ca 1 mijl ten oosten van de boeien omhoog. Het lijkt dat ik niet de enige ben die deze route gekozen heeft. 

Ergens lijkt het een lange nacht te worden. De wind neemt af je dichter ik naar de boei kom. Ca een mijl ten noorden van de KR1-WP2 maak ik weer een slag om dichter bij de WV14 te kommen.  Van zuiden komen nog twee boten aan. Die ene die ik al eerder gezien had, is al bij de WV14 en gaat door naar Den Oever. Hier opgeven? Nee, dat vond ik frustrerend. Heb ik de hele dag tegen de Wind aangepoot, wil ik nu toch even van het feit genieten dat de wind op weg naar Enkhuizen ruimt komt. De nacht word helder. Het water rustiger en de wind nog minder, 13 kts en het gaat met 3,5 knopen naar de boei. Boei? Hoezo komt die niet dichterbij, Het lijkt dat ze van mij wegloopt. Ik moet nog een slag maken. De wind begint te draaien, en mijn humor begint wat in te zakken. Het kunnen hooguit 200m naar de boei zijn maar het duurt eeuwen. De weerschijn van de lichter aan land verlichten het water. Om 22:30 is het zo ver. Knop indrukken en het apparaatje weer in de houder in de kuip opbergen. Nu gaat het naar Enkhuizen. Om van de staken weg te blijven, houd ik de boeiverlichting aan. Eerst naar de KR1-WP2 en dan naar de rode WP8.

Het plan was het wagenpad af te gaan. Maar ergens kon ik de rode benedenboei niet vinden. – Erg logisch, zag ik later, want dat licht daarvan deed het niet. Nu viel de wind beneden de 10 kts en soms ook tot 5 kts. Ik krijg al reuze spijt dat ik die route heb genomen.

De K2 kan ik al in de verte zien. Maar wetend hoe ver die schijnt, gaf mij dat geen echte kik. Ik ga vlak onder de kust langs bij het schiereiland van oosterdijk om weg af tekorten. Om wind hoef ik me niet meer te bekommeren – er is geen.

Nog twee uur te gaan. De verwachte aankomsttijd is 3:00 ochtends. Ik zet de stuurautomaat aan, pak de zitkussens en ga op de kuipbank liggen. Mijn ogen vielen dicht en ik werd sporadisch wakker. Eerst met een schrik, later met het gevoel dat ik me best aan de slaap kon overgeven. De volgende anderhalf uur zou toch niets gebeuren. Er is ver en breed geen ander licht van een boot te bekennen. Om zeker te zijn dat ik niet slapend over de boei heen zeil zet ik even de wekker op mijn mobile telefoon.

Golven zijn er nauwelijks, de wind uit west ?? is onregelmatig soms 5 kts soms 8 kts.

De K2 knippert onvermoeibaar, de kustlijn schuift maar langzaam op. Ik tuimel weg. Af en toe valt mijn hoofd naar voren en ik werd wakker. Ja alles zit daar nog, de K2, de kust, de zwarte nacht, en de weinige wind. Terug naar dromenland. Bij een volgende controle-kijk merk ik dat het geluid van de boot veranderd is. Het loopt iets sneller dan daarnet. Een half uur nog te gaan volgens GPS. Nu blijf ik wakker. Ik zie uit het oosten de positielichter van een zeilboot dat ook op de K2 afgaat. Hij is ca even ver daarvandaan als ik. Ik kom  van noordwest op de boei af. Zou het na al die leegde nog druk worden bij de boei?? Ik controleer de zeilen en speel met de schoten om nog iets meer vaart te maken. Het word krap, maar het andere boot is eerder bij de boei. Ca 3 minuten eerder. Da gaat zijn motor aan en hij komt op mij afgevaren. Draait weer om en vaart met mij mee. Hij roept mij toe dat ik mijn tijd moest noteren omdat zijn GSM-GPS het niet deed. Ik keek op de klok, en riep “OK” terug. – ook erg als dat ding het niet doet. Mijn GSM-GPS heb ik klaar liggen, foto hoeft niet, maar ik ga de uitdaging van de K2 s'nachts een foto te nemen toch aan. (instinkt??) Nog een paar meter, de boei is stuurbord, ik druk op de groene knop van de PSM-GPS, pak de camera, zet de boei in de zoeker, sluit de ogen tot de volgende flits voorbij is, mik opnieuw en druk af net voordat het licht weer aangaat. – iets klopte niet. Ik hoorde geen lange piep. Kijk naar de unit, en zie dat er geen lampje brand. Dus de mijne deed het ook niet. Is die stuk, hebben ze die uitgezet – geen van alles. De accu was op. Vol enthousiasme heb ik de unit na de WV14 niet in de oplader maar in de houder op dek gezet, en die laat niet zo erg bij. 

Omdat het laatste traject iets langer heeft geduurd dan gewenst, heb ik dus nu een niet opgeladen GSM-GPS unit. Net als mijn collega van de Sea-Berryl. Teleurgesteld, vaar ik naar Enkhuizen, ik had een Foto en een getuigen. Dat moet het doen. Tien minuten na de omronding ging de telefoon. Ik kijk eerst verbaasd wie mij daar nu nog belde, maar het was de wekker die ik gezet had. Gelukkig had ik die niet meer nodig – dan ik was ik er erg ver buiten de boei wakker geworden, als ik mij daarop had verlaten – de wind heeft kennelijk toch nog aan getrokken. Ik pak de zeilen weg en ga op pad richting Ankerplaats - Enkhuizen. Om half vier had ik een leuke plek gevonden gooide de anker eruit en ging duiken.

Terug