Dag 3Veel wind, en nog meer wind

Vrijdag 30. September 2005.

De nachtrust in Urk was uitputtend. Heel lux om 1:00 naar bed en om 6:30 weer eruit. Klinkt weinig maar voor de 200myls is dat uitslapen. Alle bemanningsleden, dat zijn ik, me en mijzelf, Charly niet meegerekend, zijn wel en vol energie klaar voor de korte etappe van vandaag. Gezien de windrichting is bij Brezanddijk waarschijnlijk eindstation. Gisteren hadden we nog wat hoop dat de wind meer west dan zuid binnen zou komen, maar hij maakte zijn naam (Zuid West) ook alle eer en kwam ook daar vandaan. Bij een matig tot zacht windje zou de terugweg naar Lelystad nog gekund hebben maar als die heftig gaat worden ...., na we zullen zien. Eerst naar buiten kijken hoe het nu erbij staat.

De ochtendlucht is prachtig. Het lijkt als of er nog meer Oostenrijkers in deze streken op het pad zijn. Het grote charterschip aan de andere wal zit er kennelijk vol van.

Nauwelijks is de zon op, vertrekt een naar de ander. Alle willen voor de grote storm ergens veilig weer binnen zijn. Want ook route 3 gaat eerst noordwest en dan naar een noordelijke uithoek toe. Bij hun is dat via de WP8 Makkum en Hindelopen, bij ons is dat Breezanddijk via Den Oever en Stavoren.

Eerst nog schoon schip maken en zoveel mogelijk het zand en de blubber eraf spoelen, lekker ontbijten en met de meute mee naar buiten.

Om 7:45 gaan de lijnen los. En ik ben op weg naar de Uk16. Het rif van gisteren heb ik eruit gehaald omdat de Wind vandaag half of achterlijk verwacht werd. Ik ga in positie ten zuidoosten van de boei, zet de zeilen en ga op de Uk16 af. 8:29 is mij officiële start tijd. Voor mij de bekende ploeg met Kees Corts daarbij. Die heeft niet de baan verwisseld, maar die probeert nog een stuk de SPI te benutten voor hij met meer vaart aan de wind weer op zijn eigen route teruggaat.

De CHILL OUT is na mij gestart en komt gestaagd dichter bij en - hoe kan het anders - ook aan mij en langzaam ook aan der rest voorbij. Verder was het een onderonsje. Michiel en Bart voorop, Kees en Pamela daarna en tenslotte ik. Ik liet Charly de eer om te mogen sturen en had even tijd om nog een tweede ontbijt na te schuiven. Thee zetten lukte nog - later niet meer. De golven werden naar mate de dag vordert hoger.

Naar zo'n 5 mijl ben ik op de hoogde van Pamela. Ik neem weer over van Charly en probeer extra vaart uit de golven te halen door zo lang mogelijk met ze mee te lopen. Dat geeft een langere weg maar hogere snelheid - althans, ik heb die theorie net verzonnen. Later liet ik het ook weer, omdat het niet bij iedere golf lukte, en allen de meerweg overbleef. Na de KG2 ben ik ook Kees voorbijgegaan en heb Bart als volgend doel voor mij. Michiel is al erg ver vooruit, die haal ik voor de WP14 zeker niet meer (ondanks hij op merkwaardige wijze een stuk voor de boei van koers af gaat als of hij gaat reven. De zijlen slaan los in de wind en het duurt een hele poos tot dat hij de vaart in de juiste richting weer opneemt). Bart zou nog kunnen lukken.

Rond 11:00 krijg ik weer de laatste weerstand van Menno binnen, die een heftige lagedrukgebied over Texel op een kaart vond waarvan wij de uitlopers rond een uur op het Ijsselmeer zouden hebben, en van Vincent die ook nog de laatste stand doorgaf.

Om 11:44 zijn we bijna tegelijk bij de boei. Hij gaat nog iets door, ik draai een stormronde en ben op pad. Iets heeft hem opgehouden want van de boei weg ligt hij om twee later meer bootslengtes achter. Wind en golven hebben fors toegenomen en wat eerst een makkie van halve wind leek te worden, werd een net bezeilde koers met veel stampen naar de VZ1. De wind is nu een dikke 5 Bft. en zichtelijk naar het zuiden gedraaid. Hij komt nu uit ZZW en neemt verder toe.

Of ik Bart nu weg loop of dat hij dichter bij komt is, is nu niet meer belangrijk. Veel spannender is het de VZ1 zonder extra slag te halen. De gemiddelde snelheid is 6,4 kts. Schitterende beelden zouden dat geworden zijn als ik nu een octopus geweest was. Ik kom handen te kort om fotos te maken, te sturen, binnen de vliegende en schuivende boel te temen en tegelijk aantekeningen voor het logboek te maken. (vroeger hadden ze altijd een historicus mee aan boord om op te schrijven wat er alles gebeurde - Jan mogen we dat volgende keer ook??)

Met de kleine camera heb ik geprobeerd fotos te maken maar dat heeft meteen hoogde gekost. Dus laten, en de belden in het geheugen opslaan. Niets is belangrijker als nu de helmstok goed vat te houden.

Op Michiel ben ik niet verder ingelopen. Een minuut voor een ben ik bij de boei. Stormronde. De wind is nu tot een stevige 6Bft. uitgegroeid en blijft groeien. Het water is bruin geel, bijna ieder golf breekt. De boot werd opgetild en niet meer neergezet. Ik ga surfen. Normaal is het een op en neer, maar als het neer uitblijft, is dat een heel bijzonder gevoel. Ik haal in die golven dan ook topsnelheden van boven de 10 knopen. Da's kikken. Bij al dat spektakel heb ik twee dingen geheel uit het oog verloren. Een: ik zit hier nog steeds onder vol tuig over de golven te jagen, en twee: de windmeter is in de tussentijd op 25/26kts geklommen.

Waar de anderen lagen had ik weinig kijk op. Bart zag ik eerst nog schuin achter mij, maar naar een half uur niet meer, en Michiel die was erg ver naar westen gedwaald, maar lag nog steeds een goed stuk voor mij. Van Kees en Pamela was niets te bekennen ondanks ze allebei niet al te ver achter konden liggen. Twee keer was het helemaal top, daar leek het als of ik een minuut of langer aan het surfen was.

Als in een rus kwam de SPORT-B dichter bij. Michiel is een paar minuten voor mij aan de boei. 14:18 heb ik afgeklikt. Ik heb er een uur en 19 minuten over een traject van 11 mijlen gedaan. Dat is een gemiddelde snelheid, van 8,2 knopen - bij een rompsnelheid van 7,2 knopen - geweldig.

Dan had ik ook onmiddellijk in de gaten wat windkracht 7 betekent. Zeilen bergen bij 33kts. wind, is niet nix. Aangelijnd ging ik zeil bergen. Heel innige omhelzing van giek met wat doek ertussen en proberen met het ritme van de golven steeds een stuk meer van het grootzeil te pakken te krijgen en vast te binden. Maakt niet uit hoe, als het maar niet slaat. Ik moest nog een keer terug in de kuip om nog meer elastiekjes te halen, want het grootzeil wist een weg te vinden om weer los te komen.

Tijdens dat gevecht met giek en grootzeil, is ook Bart binnen gekomen. Eerst leek het, dat die nog wilde testen of de terugweg bezeild was, maar ook hij streek de zeilen en gaat richting haven. In de kom was het rustig. De wind zat in de masten maar niet op het water. Ankeren dus. Ik had de anker al klaar liggen en zag Michiel op zo een bouwplatform afvaren. Een 200mylers, de FUNKY FEET, lag er al voor anker. Ik zoek een plek in het midden van de kom, en laat zakken, vier de lijn, en kijk of die houd. Na, hij liep net als een hondje de boot achterna. Ik kon hem zo weer binnen halen. Na ja, ik had tenminste 30 seconden geankerd. Michiel lag al vast, en ik ging niet eens meer voor een tweede poging. Anker weg, stotwillen en landvasten eruit, en langzij Michiel aanleggen. Pamela en Kees gingen ook aan dat blik bak liggen, en ook Bart kwam langzij. Gezien de ervaringen van vorig jaar, heeft het weinig zin hier risico te lopen en op onveilige ondergrond te gaan ankeren.

Omdat we tamelijk vroeg binnen waren, bleef natuurlijk meer tijd om te borrelen en de verhalen aan te scherpen. En plannen maken voor de volgende dag. Die waren simpel. Zodra de wind draait en afgenomen is: naar huis; en onderweg waarschijnlijk bij Lelystad, Hoorn of Volendam de Anker-rust inhalen.

Later op de avond kwamen er ook nog andere boten binnen die op route 4 onderweg waren, zo als de OBSESSION.

Terug