Dag 4 Priemeur

Zaterdag 30. September 2006.

 

Mijn vriend met het meest onzekere bestaan op deze aarde - de wekker - melde zich. Het is twee uur s'nachts. Even kijken wat de wind doet. Het onweer van de avond is vertrokken en hangt nu verder noordelijk nog steeds dreigend in de lucht. Het waaide behoorlijk, maar dat kon ook de uitloper van het onweer geweest zijn, en dan vertrek ik nu om halver wegen achter te komen dat de wind weer wegvalt.

Ik besluit om nog eens onder te duiken en om half vijf nog eens te kijken. Bruut als ie is, maak ie mij om half vijf weer wakker. Deze keer had ik meer moeite om uit de veren te komen. Wat een tijd. De wind staat nog en ik beslis om te vertrekken. Iets over zes gingen de lijnen los, en met een belangrijk gevoel ging het tussen al de groten driemasters door naar de uitgang van de haven. Net zo als wilden ze zeggen: "Wat doe jij hier om deze tijd, kleintje"

Omdat de wind nog steeds van zuiden kwam, ging ik binnendoor naar de OVD3. Een enkeling was ook al op pad naar de zelfde uitgang van de vluchthaven. Voor de rest lag alles te liggen en te slapen. Het grootzeil ging nog in de haven vlak voor de uitgang omhoog. Reven hoefde niet. Ik had nog heel even overwogen om de halfwinder te gebruiken, maar daar leek die mij te sterk voor. Voor de haven stond een aardige golfslag. Ik zette het voorzeil en ging op de OVD3 af. Kennelijk was de andere early bird het zelfde van plan.

Om 7:37 ging ik van start met het zekere gevoel dat ik deze race een dag eerder dan gewoon zal gaan besluiten. De lucht was schitterend, en toen het begon licht te worden, was het duidelijk: het onweer dat er zo dreigend boven mijn hoofd hing ging ergens anders te keer, maar niet hier. Hier werd het in het westen waar ik naar toeging stralend blauw.  De vaart zat er goed in en voor de 10,64 nm naar de SPORT-E had ik er minder dan twee uur over gedaan. Om 9:19 was ik bij de nieuwe NEK die met de opgaande zon in de rug redelijk goed op afstand te zien was.

Het volgende stuk naar Volendam toe was niet meer bezeild, maar er was goede wind. Ik ging nog bijnaa drie mijl verder aan de wind naar de kust toe om dan met een ondankbare slag naar zuis osten te gaan. Na de SPORT-F ben ik nog een stuk verder gegaan en onder de lijn E-A2 - Edam over stag gegaan naar Volendam. Goede keuze want de GZ2 "miste" ik maar om 50m of zo. Daar kwam ik te laag uit. twee uur en twee minuten had ik erover gedaan, en om 11:20 klokte ik de op een na laatste boei van deze 200myls. De wind was ZZW 4 en met 13-14 kts duidelijk aan het afnemen en de hele wedstrijd begon op een vakantie tocht te lijken. Met veel zon, en ook meer vakantiegangers op het water.

Weer anderhalf uur later was het dan echt zo ver de finish boei lag zo'n anderhalf mijl voor me, toen dat gebeurde wat ik zo echt, echt niet leuk vind, de wind viel weg. Nu had ik het afgelopen half uur continu naar barometer en windvaan gekeken, en ook wat de andere boten voor mij zo alles aan wind of niet wind mee maken, maar dat was grof. Had die niet een half uur langer door kunnen gaan? Het liefste had ik willen duwen, en ieder motorboot dat langs kwam keek ik nijdig aan. Maar het hiep niet. ik moest me gedulden en op de volgende wolk wachten om met het volgende zuchtje wind weer een paar meter verder te schuiven. En met een geweldig tempo van anderhalf á twee knopen stormde ik, nee voer ik, nee dreef ik op de IJM-18 toe. Net als of de cameramensen in de regie kamer bewust dit laatste gedeelte in slow motion hadden willen opnemen om heel zeker van te zijn dat ik het was die daar een dag eerder dan "gewoon" (en dan precies om 13:27) over de finish zoefde.

Het ontvangst comité was er ook al, maar die hadden nog niet met mij gerekend, dus was de jubel wat beperk. Ze zaten allemaal dog aan het drogen (ik bedoel daarmee de aalscholvers !!).

In de haven zelf was er al een redelijke drukte. Het ontvangst op het startschip was absoluut kolossaal, ik kwam me netjes melden dat ik gearriveerd was, en zat meteen bij verse haring en een biertje. En na wat bij-kom-oeveningen, praatjes, biertjes, praatjes, begon ik langzaam te beseffen dat ik niet meteen weer weg hoef, maar helemaal kon genieten van het feit dat ik er al was. Een dag eerder - voor het eerst in (mijn) geschiedenis van de 200myls.

 

 

Terug