Dag 2 – Geen haast

Donderdag 24. September 2009. 
 

07:30, de wekker. Ik kijk naar buiten, geen wind. (waar, en wanneer heb ik dat eerder meegemaakt). Kort rouwproces, wekker plus een. Alle man op duikstation.

08:30, de wekker – de tweede. De ochtend was prachtig, het water nog steeds spiegel. Dus rustig aan en eerst een keer naar douche (de nieuwe kaart uitproberen) en dan ontbijt. Na ja, douche was super, het ontbijt moest wachten, want toen ik uit het douchgebouw kwam was het water niet meer spiegel.

Kleine rimpels vertelden dat nieuwe wind aan het opkomen was. Met de rimpels komt de wind en met de wind de actie. Plannen aangepast en direct naar de boot, alles klaar gemaakt en om 9:30 vertrokken. Tenslotte duurt het nog voor dat ik bij de boei ben. barometer: 1040. accuspanning 13,5 V. dat geeft de burger moed.

Voor vertrek bij het havenkantoor nog naar batterijen geďnformeerd, maar daarvoor had ik naar het dorp gemoeten, en dat is een paar kilometer lopen. – niet dus, helaas geen foto’s.

Een blauw/witte SPI was bij de start boei al in positie maar nog niet vertrokken. Toen die echt weg ging was ik er al dicht bij en begon zelf de zeilen gereed te maken. Het word een licht aan de windse koers. De genoa leek mij in eerst instantie voldoende. Mocht de Spi voor mij weglopen, dan kan ik altijd nog de mijne zetten.

10:15, WP12, Start. Het water blau in de ochtend zon, de hemel blauw. Het foto had net zo goed uit Griekenland kunnen komen.

10:31, accuspanning: 13,2 V hmm, verder in de gaten houden. De blauw/witte Spi loopt weg. Ik ontbijt eerst en zet dan de halfwinder. Omdat ik voor het volgende traject de Spi toch nodig had en de wind niet zo hard ging, heb ik hem meteen op de boom gezet. Misschien iets te lang gewacht om zelf ook de Spi in te zetten, maar ja, dat was voor de gezelligheid.

Natuurlijk was die nog nat van gisteren. Had die kunnen praten dan had die gezegd: wil je dat niet meer met me doen, mij in het water gooien. Dan had ik gezegd: als jij niet doet wat ik wil dan doe ik het weer. – Misschien hielp dat want vanaf dit moment waren we dikke vrienden.

Uiteraard was die in korte tijd weer droog. In die stralende ochtendzon. Maar ja, ochtend?
 

Enkhuizen te gemoet

11:15, WP6, ik doe weer een poging om de x-track te gebruiken, maar nee hoor. Doet nix. Kan drukken wat en hoelang ik wil.

Als ik hem terug in de houder zet hoor ik wel een piep. Ik bel de wedstrijdleiding om te vragen of ze me op hun scherm en dus op internet kunnen volgen, dan weet ik tenminste dat af een toe een signaal uit gaat als die in de houder zit. Ja, dat was het geval. Dit komt door, alleen mijn passagetijden niet. Ik vertel ze dat ik de tijden wel opschrijf en die zullen ze dan naast de koerstijden leggen die via de automatische berichten zijn binnengekomen.

11:38, WP8, barometer: 1038, Charly stuurd, accuspanning: 13V, de wind loopt terug van 8 kts naar 6-7 kts.

12:04, WP10, ik loop continuu op de blauw/witte in. Nog ca 5 mijl te gaan tot aan de KG. accuspanning: 13,2V ha weer meer, long live solar power. De zonnecellen doen het goed.

Waar die vandaan kwam weet ik niet, maar ineens had ik een kleine witte SOLOist aan bakboord met dezelfde koers als ik. Nu had ik ook een foto willen maken, van een tweemaster en een driemaster die met van de zon verlichte zeilen in vol ornaat vanuit Stavoren denk ik op Enkuizen af gaan. Een prachtig plaatje.

De Spi van de blauw/witte, had af en toe de neiging om zich om het voorstag te krullen. Dat deed (vooral durfde) de mijne niet. Ik hoefde alleen naar het water te kijken en we begrepen elkaar.

12:37, op de hoogte van de vuurtoeren heb ik de blauw/witte toch nog ingehaald. Het was een optima uit Volendam. De wind draait een beetje. Als die zo doorzet is Brezanddijk straks niet meer bezeild. Nog ruim 2 mijlen te gaan. De optima pakt de Spi in. Ik kan de boei al met de kijker zien liggen.

De wind draait echt door naar NW en ik heb hem nu pal van achtern. Ik heb de spiboom helemaal maar loef getrokken om de Spi uit de windschaduw van het grootzeil te houden. Het lijk te lukken en we maken meters. Echt hard loop ik niet maar ik ga niet mopperen. Ik kom vooruit. De windmeter laat 5-6 kts zien, dat zijn omdat die bij mij van achteren komt zo rond 14 kts ware wind.

13:27, KG – Enkhuizen,
 

Zo als het hoort

Vlak voor de boei alles keurig op geborgen, die Spi wist war die naartoe moest en was bijnaa van zelf in de kuip gesprongen. Zo hoort het. Daarna stond er weer actie op het programma. Zo hoog en snel mogelijk naar Breezanddijk. Ik heb de grondkoers, maar geen verificatie van de kompaskoers. Iedereen die van de KG af kwam, ging zo hoog mogelijk, en dat betekende: dat iedereen een andere koers voer.

Als het lukte wilde ik natuurlijk weer zonder extra slag uitkomen. Dus ik ging zo hoog mogelijk en stemde mijn koers op die af die het hoogste liep, van alle boten die ik te zien kreeg en die in de zelfde richting gingen.

Op weg naar SPORT B een paar boten ingelopen. Ik kon een hoge koers houden en naar een tijd waren er helaas weinig boten onderweg op die koers. Tegen het einde was er nog maar een die ik als referentie kon gebruiken, en die had ik al een tijd geleden ingehaald, en de afstand werd steeds groter.

Zo halferwegen, zag een lange stoet van route1 SOLOisten die prachtig met halve wind vanuit Korenweerd naar Medemblik stoofden. Wat een leven. Die hoeven geen moeite te doen om hard vooruit te komen. Heel even spijt dat route1 niet tot de keuzemogelijkheden behoorde, maar die gedachte snel weer weg gezet. Deze route3 is ook leuk.

Ook is de dag al gevorderd, wilde ik aan het eind daarvan toch op de helft van de wedstrijd zitten. Een ding waar ik iedere keer weer in tuin is dat ik nog net op de hoogte van Stavoren, al naar de dijk zit te zoeken. Als je geen andere middelen heb dan de kaartkoers zoek je toch steun bij markanten plekken in het landschap.

Dus ik bleef 340 graden aanhouden, en besloot pas te corrigeren als ik zichtcontact met de dijk heb. Zover kon ik niet naast zitten als die achter mij ook daar naartoe wilde. Op de hoogte van Hindelopen kan ik de eerste concrete punten op de dijk uitmaken. Nog zo’n kleine uur te gaan. De wind is intussen naar 15-17 kts aangewakkerd. De golven worden ook hoger.

Nu ben ik al redelijk dicht bij de dijk, kan de haven van Breezanddjkt herkennen, maar die boei nog niet vinden. Ik wist dat ze geel en rond was. Door een vrij gat in de wolkenhemel kwamen zonnenstralen door die de boei heel even verlichten. Van dit moment aan liet ik ze niet meer uit het oog. Heb uiteindelijk ook zonder elektronische navigatie inrichting de SPORT B goed aangestuurd en met behulp van een verrekijker gevonden. (ook was ze niet duidelijk te zien – zelfde kleur als de stenen op de dijk daarachter)
 

De wind doet zijn best

16:32, SPORT-B De wind naam wat toe en ik draaide na de boei een stormronde om de giek aan de andere kant te krijgen.

Hindelopen lag precies in golfrichting. SPI had gekund, maar ik besloot allen het voorzeil uit te bomen. Wilde geen gevecht SPI tegen man riskeren bij het inhalen voor Hindelopen en daarme de goede relatie die tussen ons aan het groeien was meteen weer bederven. Ik denk dat we het allebei een goede beslissing vonden.

Wie weet wakkert die nog meer aan en dan hebben we een herhaling van Volendam waar die wilde wegvliegen en uiteindelijk in het water belande. Plus het zal toch niet langer dan anderhalf uur duren tot dat ik er was. De voorsprong voor de volgende was aanzienlijk en ondanks hij wel een SPI zette kwam ie niet echt veel dichter bij.

Spannend was wel het opzoeken van de H1 boei. Ik wist dat die daar in de kom lag en dat ik weleens eerder problemen had die te vinden. Als je langs de kust van Makkum komt dan steekt die beter af tegen de achtergrond. Maar als je van buiten komt dan verdwijnt die voor de achtergrond. Minstens vijf keer checken op kaart en met verrekijker waar die kon zijn maar uiteindelijk wel gevonden. Wel was ik iets te ver doorgegaan, maar ik zag ze. Het aanlopen van de boei liet mijn giek spontaan beslissen op de andere kant van de boot te willen hangen en zo produceerde ik vlak voor de boei nog een klap gijp.

17:51 H1; voor de boei lag de RATIO ELECTRIC, de pogo40 ik noem ze “de Roos” (dat stond in goote letters aan de bordkant) te wachten, mogelijk op zoek naar een compańero om de haven mee in te gaan, maar ik duidde aan dat ik van plan was door te gaan. En zo gebeurde het ook. Ik, verder en hij, de haven in. Ik moet nog mijlen maken (heb niet zo een flitse-ding).
 

Wat een avond …

Het is net 18:00 geweest. Veel te vroeg om al onder de wol te kruipen. Ik heb niet zo een groot racebeest, dus ik wil doorgaan zolang ik kan. Nu waait die nog, en bij de LC5 kan ik nog altijd beslissen dat ik stop en in Stavoren overnacht.

Het blijft afwachten en tobben, blijft die staan of gaat die inzakken, de wind. Tot LC5 moet ik een beslissing nemen. Dat is in rond een uur. En het daarna volgende traject is rond 15 mijl. Zakt die in, ben ik de pineut, blijft die staan, moet ik ook nachts spinakeren en riskier dat de accu leeg is voor ik Urk heb gehaald.

Blijft maar een ding: bellen tot ik iemand gevonden heb die mij kon vertellen of die bleef staan of niet. Na vier telefoontjes was ik net zo wijs al te voor. Het is net zo als dat je op twee horloges kijkt om te weten hoe laat het precies is. Dan krijg je altijd twee verschillende resultaten en je weet het nog niet.

De wind staat nog steeds bij 15-16 knopen en vertoont geen teken om iets daraan te veranderen. De avond is prachtig, boten op het water worden minder (het is etenstijd, en wat nu nog op het water is heeft vast een SOLO wimpel achter op) Uiteindelijk heb ik de knoop doorgehakt. Doorgaan.

Wat een nacht …

19:17 LC5. Intussen was het water helemaal leeg geworden. Niemand in zicht. Ik hou de koers aan tot aan de LC9 en zwaai dan om richting Urk. De wind net iets uit het midden van achteren. Just right. De wind schommelt tussen de 14 kts en 17 kts.

Angstvallig let ik op de wind of die verschijnselen vertoont om te willen liggen. Doorgaan - herhaal ik voor mezelf vaker, zodat de wind dit ook hoort. De zon was nog niet weg en de maan laat zich al duidelijk als sikkel op de hemel boven de dijk, die tussen Lelystad en Enkhuizen loopt, zien.

De SPI staat en de golven lopen met de boot mee. (of andersom). Charly heb ik naar huis gestuurd. Om power te sparen heb ik nu de rol van stuurautomaat over genomen, wat een leven. Niemand op het water te zien behalve heel, heel ver weg.

Iets later begint het donker te worden. De maan, af en toe door een horizontale nevel sluier verhangen, lijkt een extra verlichting ingebouwd te hebben. Krachtig en met veel kontrast steekt hij tegen de donkere avond-/nacht-lucht af. Het word tijd de verlichting aan te zetten. Ik wacht nog even tot het helemaal donker is, dat bespaart weer een half uur power tekort.

De wind word veranderlijk soms iets minder, soms iets meer dan daarnet. Tegen het iets meer had ik geen bezwaar, uiteraard deed mij het iets minder aan de juistheid van mijn beslissing, door te gaan, twijfelen.

19:42 nu was het zo ver, het werd pik donker. Ik zet de verlichting aan. Aan backboord komt een dun lichtje langs, hoog boven het water, maar zonder boot eronder. Zou dat een van de vaste obstakels in het water geweest zijn waar ik van gehoord heb? Echt gevaarlijk in het donker, als er ook nog slechte zicht is knal je er zo tegen aan.

Ik maak 4 á 5 knopen door het water. De oost kust tekent zich nog net tegen het andere donker van het water en de lucht af. De dijk in het westen was nog duidelijker te zien.
 

Romantiek, Vergissing & Realiteit

Had ik Charly aan het roer gehad had ik nu mijn ogen gesloten om nog meer van het spektakel te genieten. Boven mij, een kristalklare zwarte lucht doorzeeft met ontelbare sterren. Veel meer als je normaal op een heldere avond hemel te zien krijgt.

De maansikkel boven de dijk is nu helemaal vrij van sluier en straalt alsof er een lamp in zit. De rest van water, land en lucht was zwart als de nacht. Ik kijk naar de sterren. Precies boven de kuip hing het sterrenbeeld van de CASSIOPEIA. Da kreeg ik er toch rillingen van. Da kan geen fotoapparaat tegen op. Dat kan je alleen tussen je oren vasthouden.

Het lang aanhoudende gesuis, als de boot van een golf afglijd en de helling die daarbij ontstaat, doet er een schepje boven op. Afgezien dat de boot dan ook harder loopt, is het een gevoel van zweven, van surfen. Nu surf je met een plank van 3 ton niet zo gauw, maar af en toe lukt dat wel. En hier en nu was zo een af en toe. tsssssssssssssss (als of die golf niet los wil laten) blijft de boot erin. En lijkt de volgende golf al op te pakken voor de andere verdwenen is.

Het is als of je iemand een duwtje in de rug geeft om je sneller vooruit te schuiven. Dat geeft een kick van de bijzondere aard. En hoort zeker in de rubriek “Waarvoor doen we het”. Uren had ik zo door kunnen gaan. Mij accu minder, maar die heeft het ook niet zo met gevoelens.

In de verte zag ik een ophoping van felle witte lichten in het water. Waarschijnlijk de werkzaamheden waar het channel 1 news al sinds dagen over vertelt. “werkzaamheden tussen de EZ1 en EZ3, nachts gekenmerkt door flikkerlichten …”  …

Nu had ik niet zo precies op mijn netvlies waar de EZ1 of EZ3 zou zijn, zo in de nacht, maar de richting klopte wel, en de lichten kon ik nu al zien.

Voor het vaste witlicht spektakel dat ik voor de werkzaamheden uitmakte, was er ook nog een wit licht zo’n 1á2 seconden aan en 3á 4 seconden uit. Waarschijnlijk de volgende rood/witte ton. Nu wil je ook over dag niemand bij zijn werk storen – zo ook niet s’nachts. Dus ik besloot de koers iets naar stuurboord bij te stellen, de werkzaamheden aan back boord te laten en ook het felle witte licht van de boei aan bakboord te houden. De kompaskoers naar Urk klopte nog steeds. Dus, iedereen happy.

Om 20:56 werd het tafereel onderbroken door een telefoontje. Bart. Waar ben je, en hoe ver heb je nog. (Hij zag op internet dat ik op weg naar Urk was.)

“Ja, ik denk zo’n uur, anderhalf uur nog, dan ben ik ook in de haven. Waar liggen jullie? aan de strand kant.” Ahh. Strand kant, dat is de kant waar je boot bij bijna ieder weer gezandstraald word. En dat zand kom je 5 weken later nog aan bord tegen. OK, ik wist waar ik naartoe moest. Ik zei nog dat ik het gesprek kort zou houden om de boei met het witte licht uit te wijken dat voor me heen en weer ging. En ik hing op.

Raar, dat witte licht voor de bouwput wil niet dichter bij komen. Ik probeer het al ruime tijd uit te wijken en vlak aan bakboord te houden.

21:20 power alarm. Van de rit naar Den Oever wist ik, dat de pieper van de power alarm het meer dan een uur vol kon houden voordat de accu echt en finaal leeg was. Dus ik probeerde dat irritante deuntje weg te cijferen en ging stoďsch door.

In de tussentijd zie ik ook de flikkerlichten rond om de “bouwput” Wat ik wel observeerde maar niet registreerde was dat de gele flikkerlichten niet stil stonden maar heen en weer gingen, en dat ook nog redelijk snel. Daar word kennelijk druk gewerkt.

Nog rond een half uur tot de UK14. Een van drie rode boeien. Ik dacht eerst de middelste, maar het was de meest rechtse van mij uit gezien. Een groen licht staat er recht tegen over en markeert de vaarweg voorbij Urk. Ik stuur er recht erop af.

RING – ring, telefoon. Menno: of ik iets gehoord heb van de boot die door een binnenvaartschip is overvaren? Nee heb ik niet. Hij heeft het net van kanaal 16 opgepakt. Hij zelf kwam niet, maar vanuit Huizen was wel ook een boot onderweg naar Urk.

Nu begreep ik ook al de gele flikkerlichten op het water. Die waren helemaal niet van de “werkzaamheden” die waren van de reddingsbrigades van, weet ik waar van, die op het water heen en weer zoefden.

Ik had net op de kaart gekeken, en ik stuur nu de meest rechtse van de drie rode lichten aan die de boeien rond Urk kenmerken. Door de golfen word ik regelmatig van de koers weggezet en dan lijk ik op de groene boei af te gaan. Na iedere tweede golf moet ik de boot weer terug naar de rode boei zetten. Ik heb nog steeds de SPI staan. Eerst de boei en dan heb ik tijd om alles rustig binnen te halen. – dacht ik.

Bijna bij de boei was ik het witte licht bijna vergeten. Het zat nu ruim aan backboord. “Hoezo, ligt dat nog steeds voor mij, de boei moet ik toch allang gepasseerd hebben?”  

Tijd om dat uit te zoeken had ik niet. Ik moest op de rode boei mikken. Of het nu door de golven kwam of door de wind die raar deed, ik had moeite om de Spi recht te houden. Hij toonde kuren door het voorstag te omhelzen en dan weer in een harde klap open te springen.

Nog ca 200 meter tot de rode boei. Ik was er net aan toe te beseffen dat de “werkzaamheden” niets anders dan de lichten van Urk waren en de boei die ik zo consequent probeerde uit te wijken de vuurtoren van dit plaatsje, als er meer en meer gele flikkerlichten verschenen die ten zuid westen van mij te keer gingen.

Nog ca 80-100 meter tot de boei. Tussen de gele flikkerlichten nu ook een kleine rode en links daarvan een witte. Het leek ver weg. – maar was niet. SHIIIEEET een vracht boot. Ik loef op tot bijna halve wind, recht op de groene boei af om de binnenvaarder uit te wijken. De boot helde behoorlijk en de Spi was zonder waarschuwing in een halfwinder omgetoverd. Waarom die vrachtboot per ze ook de zelfde boei in zijn vizier genomen heeft weet ik niet. Nu zag hij mij waarschijnlijk eerder dan ik hem maar ik had er behoorlijk de schrik in. En er was niet veel van hem te horen. Zwart als de rest van de omgeving schoof hij in een afstand van zo’n 40 meter langs. Bijna zonder geluid. Alleen toen die langs was kon je het sjoef-sjoef-sjoef.. van zijn schroef horen.

Sterren en romantiek waren heel snel vergeten. Ik wilde naar de boei en afklokken. Ik had er genoeg van. Dit laatste “close encounter of the black kind” had mijn innerlijke rust ietswat opgeschud.

De golven worden hoger naar mate de boei dichter bij komt. De binnenvaarder is net voorbij en ik pak mijn oorspronkelijke koers weer op. Waar blijft de boei. De Spi wil niet meer blijven staan. Door de omweg van het uitwijkmanoeuvre zit ik nu net te ver voor de wind die nu de Spi naar de verkeerde kant zet. Moet ik hem voor de boei nog binnen halen?  Ik wil afklokken. Nauwkeurig in alle richtingen kijken op er niet nog wat verdwaalde rode groene of witte lichten op het water te zien waren ga ik gestaagd op de rode boei de UK14 af.

Zelfs had ik best gewild door te gaan naar de volgende wedstrijdboei, maar de externe en interne batterijen waren op, afgezien daarvan stond de wind verkeerd om nu nog naar Medemblik te gaan.

21:55 he he,  ik ben er. Nu de Spi naar beneden. De boot schommelt krachtig. Ik zette de motor aan zodra de Spi in de kuip lag. Eerst de Spi bergen en naar binnen gooien. Dan het grootzeil bergen. Grappig als je geen stuurautomaat heb zijn ook simple dingen zoals grootzeil bergen ineens niet meer zo simpel. Sinds de power alarm afging had ik geen stuur automaat meer. - Uitdaging

Eindelijk is alles binnen en onder controle. Ik ben intussen bij de UK16 voorbij en ga nu evenwijdig buiten de betonning naar de kust van Urk (ik wilde geen aanvaring met een onverlichte ton riskeren). Toen ietswat relaxter naar de kust voer, moest ik lachen, dat ik de hele tijd geprobeerd had het witte licht van de vuurtoren van Urk uit te wijken, en dat de vellen lichten geen werkzaamheden maar de lichten van de stad waren die van zo ver al prominent had kunnen zien. Wat een ding. En er was ook spectaculair veel licht aan land.

Uit de haven komt mij een reddingsboot tegemoet, en schiet in hoog tempo aan mij voorbij de zwarte nacht in. De haveninvaart was raar verlicht. Aan de kade stonden zo’n tien vijftien auto’s alle met de lichten naar het water toe en de schijnwerpers aan. Verblindend maar weinig hulprijk. Ik had moeite te zien waar de boten lagen. Had waarschijnlijk met het ongeluk te maken dat er die avond is gebeurd. De brandweer stond aan de kade. Waarschijnlijk waren er duikers in de boot van daarnet vertrokken, de haven lag voor de rest in zwart en donker.

Meteen aan de eerste boot die ik tegen kwam heb ik vast gemaakt – dat was de Bondi. Behalve op een touristenboot was het overal aan boord donker. het was 22:35. e-kabel uitgelegd en aan gesloten, he he, weer sap in de leidingen. Even nog nieuws ophalen bij de buren. Kennelijk was er iemand over boord geslagen na aanvaring met een binnenvaartschip. Dat verklaart ook de vele knipperlichten die ik al van ver heb gezien. Dus geen werkzaamheden maar hectische zoek actie.

Ik zet de wekker voor 6:00 om bij aanbreken van de dag meteen te vertrekken.

De sterren staan nog steeds op de hemel, ook zag je door het licht van de stad wat minder dan daar net. Ik zet nog elastieken om een paar vallen en schoten aan de mast vast om geklepper tegen te gaan. De boot ziet er uit als een spinnenweb.

Er komen nog steeds 200myls-boten binnen.

23:56, de Cassiopeia is weer decent. Ik duik naar binnen, pak een biertje en laat de laatste paar uren van de wilde wijde rit door het donker (niet alleen SOLO maar ook alleen) nog eens revue passeren. Ik was te moe om moe te zijn. Om 0:15 liet ik de dag een dag zijn.

 

Terug