Dag 3 – De tweede speelhelft

Vrijdag 25. September 2009. 
 

Urk ligt zo wat op de helft van de 200myls. Ooit had ik het vanuit hier tot Lelystad gehaald, (ca. 75 mijl) maar daar was ik om 4 uur ochtends vertrokken. Eens kijken wat er vandaag lukt.

Een wekker is toch een brut ding. Maar ja, het is tijd. 6:00 Even lekker ontbijten en dan wat warme kleding bij elkaar zoeken. Iets over zeven gaat buiten het grote licht aan. Eentje is al vertrokken en de rest ligt kennelijk nog te pitten. Bart is ook al klaar om te vertrekken, en zo let ons niets om op pad te gaan.

De wind scheen ook door het licht gedreven want het leek nu iets harder te waaien, en dan ook nog uit de goede richting. heéé. Medemblik was bezeild. Dat wat gisteren nog een probleem was lijkt nu een eitje.

7:55 UK14, Start. Barometer: 1041 (+1 van gisteren) Wind: West 13kts. Het is bewolkt, boven Enkhuizen hangt regen. Ik ben vlak na de Bondi gestart. De goede zaak is: ik ben vroeg op pad, de minder goede is: Zodra ik bij de Bondi voorbij ben moet ik zelf de WP6 boei zoeken.

Charly is aan het roer. Om zeker van te zijn dat ze niet verslaapt, bel ik Lia om te vertellen dat de wind te goed staat om niet op pad te gaan. Point taken.

8:10, Wind: 15kts, Accuspanning 13V. (is op moment belangrijker dan de barometerstand) Het lijkt als of we het mooie weer gisteren al opgemaakt hebben. Achter mij op de horizon 4 boten met de ketelbrug en de lichter wordende hemel in de achtergrond. wouw. Ik maak alles klaar om de regen te trotseren die ieder moment kan beginnen.

8:36, EZ-C, wind: nog steeds 15kts. Maar hij begint langzaam maar zeker naar NW te draaien. Daar zat ik niet op te wachten. Nog kan ik de koers houden.

9:33 ik ben voorbij Enkhuizen en nu op de hoogte van de vuurtoren. De regen was maar van korte duur, de achtervolgers waren door de wolken opgeslokt en uit zicht verdwenen. We zijn nog maar 3 boten die op de WP6 af gaan.

9:48 de wind neemt af. Net was die nog 11kts nu is ie nog maar 9kts. De Bondi is nog steeds naast me, Charly is aan het roer. Achter mij een apocalyptisch plaatje:

De hemel donkergrijs verhangen met een spot stralend blauwe lucht er doorheen. Het water in drie varianten middelgrijs, en door het blauwe gat in de lucht een fel zonnestraal als of die al het water wilde opzuigen en in ontiegelijk vele schitterende reflecties van de golven daaraan gehinderd word.

Het was moeilijk te beslissen of de zonnestraal of de weerkaatsing in de golven feller was. Een Rembrand had zo iets niet intenser kunnen bedenken.

Prachtig. Ik had er spijt van dat ik geen fototoestel paraat had.

10:08, hoogte van de WP10. De wind duikt verder van 8kts naar 4kts.

10:46, WP6. Nu, op naar Makkum. De wind word een drama. Het eerste uur kom ik niet harder dan SOG: 2kts De Spi staat maar het helpt bar weinig.

Om 11:56 begint het weer te waaien. West 9kts. Met Spi ga ik SOG: 6,3kts. Ja, ik had net even mijn GPS aan gekregen, maar zet hem weer uit om batterijen te sparen. Misschien heb ik hem vannacht nog nodig. Waar ik naartoe moest wist ik ca. En ik had ook nog twee referentie bakens achter me. Bart en Hans Colebrander met zijn “Hebbus”. Zolang die dezelfde koers gingen houden, kon ik niet veel naast zitten.

De golven worden hoger. De dijk ligt prachtig in de zon. De wolken zien er prachtig uit. Hans was uit de groep van achtervolgers behoorlijk naar ons opgeschoten.

Tegen half vier komt de boeienlijn van Korenweerd in zicht. Nu nog de juiste boei eruit halen. Bij de VF11 zie ik uit de sluis een vrachtboot uitkomen. Om nu in de vaargeul de Spi naar beneden te halen lijkt me geen goed plan. Voor de VF9 wijk ik van de koers af en ga ik de vaargeul nog voor de vrachtboot overstekenm en haal de Spi binnen. Op zo’n halve wind ga ik naar het volgende boeien paar met de VF8 toe, maar heb wel wat meters laten liggen.

14:14 tegelijk met de HEBBUS om de boei, en daarmee om het noordelijkste punt van deze reis heen.
 

En nu naar huis

Zo’n dikke 15 mijl naar de EZ-A. Bij zo geschatte 5 mijl door het water zou ik er iets na vijf uur zijn. Dan nog 9 mijl naar de EZ-D nog eens twee uur erbij. Dan is het zeven. Dus kan ik me voor de 5 mijl naar de SPORT-D en de rest van het traject naar de sluis toe alvast op het bijna obligate (eentonige) power-alarm concert in piep-dur verheugen.

De wind is nu 12 kts en het gaat gestaagd daarheen. Voor ons, donkere zware wolken, en bij ons vel licht. Schitterend.

Naast Hans en voor Bart gaat het naar de EZ-A toe. Althans dat schatte ik zo in. Pas naar een tijd loop ik aan Hans voorbij, en gebruik ik mijn compañeros als pijlkompas. Zolang ik mijn koers in het midden van die van hun houd kan ik niet verkeerd zitten. (B-H) Naar een tijd kijk ik om en zag dat ze van plaats gewisseld hebben (H-B)

Ik wist niet of ze dat express voor mij deden om mij te verwarren, of dat Hans na een x-aantal uren de boot van een kant bekeken te hebben, ook eens de andere kant van Bart’s boot wilde zien. Tenslotte heeft die daar ook een mooie blauwe streep.

Ik vond het wel lollig. Tot nu toe kon ik anderen volgen om de weg naar de volgende boei te vinden, nu moet ik daarvoor omkijken. Dit is een vreemde gewaarwording.

17:00, EZ-A, eerder dan ik dacht.

Het voorsprong dat ik tot aan die boei op Bart en Hans had opgebouwd, was bij het zetten van mijn Spi, meteen weer weggevaagd. Bijna op een hoogte schuiven we richting EZ-D en lopen een van de voor ons varende Spi’s in. Was er maar een foto geweest van die optocht van Spi’s. Deze wens was in het universum niet ongehoord gebleven en Petra die met d’r WINDVEER een stuk voor ons voer heeft het plaatje vast gehouden:

18:53 EZ-D niet slecht. Spi weg en flink aan de wind richting SPORT-D vlak onder de dijk bij Lelystad. Met een beetje geluk kom ik daar nog voor donker aan. Zolang licht is, laden mijn zonnepaneel nog wat bij, daarna word het lastig. De windmeter staat nu op 14kts en het 200myls boeien-magneet-effect word herkenbaar. “Na mate je dichter bij de boei komt des te meer boten heb je om je heen.” Niet alleen hadden we de groep voor ons ingehaald, kwamen er van achteren ook nog een paar snellere jongens aanstuiven die ook door de bulk heen trokken.

En zo liep er een hele stoet boten, in de heldere avondlucht naar de dijk onder toezien van een geweldige zonsondergang.

19:42 SPORT-D achter Hans en voor Bart. Het is koud.Tot aan de vuurtoren ging ik nog onder zeil door tot dat het echt donker werd. Dan, motor aan, licht aan, zeil inpakken en weg wezen.
 

 

 

Ankeren is ook een sport

Het werd erg snel donker. Het zeil is nog niet geborgen en het power concert begint al. Om gerommel in de sluis te voorkomen, maak ik de boot ook helemaal daarvoor klaar. (landvasten, fenders, pikhaak,…) De anderen waren al lang naar de sluis vertrokken.

Ik geef wat extra gas om Bart in te halen en bij te houden. Mocht mijn verlichting het begeven, dan ben ik in ieder geval in de beurt van een herkenbaar voertuig. Bij de sluis hoefden we niet eens zo lang te wachten. Rond negen waren we er doorheen.

Doorgaan was risky omdat de SPORT-E bij Hoorn misschien net of net niet bezeild lag. Maar of de wind gedurende de volgende drie uur bleef staan en dan nog uit de zelfde richting, was maar een vraag. Voor mijn geen moeilijk antwoord. Ik ga niet met een lege accu de nacht in. Dus, blijven.

Behalve dat, moet ik ook nog ankeren. Nu zit er nog een beetje in de accu en als ik morgen vertrek, laad die door de zon genoeg op om naar Muiden te komen (tenminste, als er wind is). De voorspelling was niet tenderend, maar met anderhalve dagen te gaan zouden de resterende 25 mijl ook nog moeten lukken.

Bart wist een ankerplek aan de overkant van de sluis vlak voor de ingang naar de Noordersluis, en daar gingen we naartoe. Plan: Bart gooit het anker uit en gaat liggen, ik gooi het daarna naast hem uit, en dan Hans.

Zo gezegd zo gedaan, althans het begin stuk daarvan. Bart ligt muurvast en wijst met zijn zaklantaren naar zijn ankerlijn dat ik mijn anker niet overheen leg. Prima. Ik ga langzij hem, anderhalf bootslengtes vooruit, gooi het anker en sla achteruit.

Even proeven of het anker houd en klaar. Maar ik voelde geen anker. Ik, inhalen, maar geen respons, niet alleen geen respons maar ook een briesje wind en in no-time lig ik 90graad dwars voor de bug van Bart, uiteraard op zijn ankerlijn.

puinhoop ! Wat eerst ? anker ophalen, boot afhouden, van ankerlijn vrij komen? motor gebruiken ging niet, anders zit de lijn ook nog in de schroef!

de uitkomst: Hans!

Situatie uitgelegd. Hans pakt een landvast en trekt mijn punt in de wind en weg van Bart's ankerlijn. Een keer vrij, kon ik mijn eigen anker op halen en op nieuw proberen. Deze keer op de andere kant van Bart om bij hem vandaan te blijven, maar vergeefs. Het anker schoof door. Dan maar apart liggen en zo lang proberen tot die houd. Tot op een keer na is dat nog altijd goed gegaan. Na twee nieuwe pogingen pakt die en ik voel hoe die zich de grond ingraaft.

Nu heb ik die een stuk verder richting vaargeul laten zakken en meer lijn gegeven om met de boot uit de geul te blijven. Omdat ik een lange lijn had liggen loop die ook niet zo hard naar beneden. Hans, die al die tijd naast mij “stand bij” stond te wachten of die mij nog eens moest toespringen, ging na mijn succesvolle landing vol enthousiasme zijn motor aan zetten om, voor mij langs te gaan en langszij van Bart te gaan.

Hij kwam tot … aan mijn ankerlijn!

Motor uit, langzaam terug duwen tot hij weer vrij is en dan, even diep zuchten.

In al die turbulentie – telefoontje van Lia met een bekende vraag: Ik kom net Lelystad binnen, Waar is de sluis? Ik kende dat gevoel. Je ziet alleen een diaree van gele lichten, maar die belangrijksten (rood, groen) van de sluis zie je niet. Ik uitleggen, en in de tussen tijd met ankerlijnen hannesen.

Ze wilde nog naar Hoorn doorgaan. Begrijp ik, de t’huishaven lokt. Ik had mijn pak hilariteit voor vandaag al gehad. Ik vond nog maar een ding belangrijk: eten, bier en bed, oh nee dat zijn drie, dus drie bier ….

23:00, sluitingstijd. Nog even naar het weerbericht luisteren. Tot 12 uur ZW van 8kts. Die hebben we morgen nodig, maar als die naar ZO draait is dat ook prima.
 

Terug